Hiragana

Oorsprong van hiragana

Hiragana (平仮名, letterlijk 'ordinaire kana', ook ひらがな) is een van de drie schrifttypen die tezamen het Japans schrift vormen. Het is een fonetisch schrift bestaande uit 46 basiskarakters, enkele geaccentueerde karakters en een aantal combinatiekarakters. Hiragana is vrij eenvoudig te leren. Alle Japanse woorden kunnen in hiragana worden geschreven en hiragana is het eerste schrift dat kinderen in Japan wordt geleerd.

Een teken in hiragana geeft een mora weer, een medeklinker gevolgd door een klinker; bijvoorbeeld 'na', een klinker apart, zoals 'e', of het karakter ん dat in het Nederlands klinkt als 'n' of 'm'. Dit karakter wordt de 'syllabische n' genoemd.

In de dagelijkse praktijk worden in het Japans kanji-tekens gebruikt (Chinese tekens), tezamen met hiragana voor verbuigingen en vervoegingen (onder andere naamvallen), voor verbindingswoorden en voor woorden waarvoor geen kanji beschikbaar is.

Voor het translitereren van buitenlandse woorden wordt katakana gebruikt.

Omdat vrijwel alle Japanners hiragana kunnen lezen, kan het ook worden gebruikt voor karakters die normaal gesproken in kanji zouden worden geschreven, maar waarvoor de schrijver het kanji-teken niet kent. In een Japanse krant is het percentage kanji-tekens vrij groot: hierdoor kunnen Chinezen, die alleen de kanji-tekens kennen, de artikelen in grote lijnen begrijpen. Voor eenvoudigere teksten wordt het percentage hiragana steeds groter en teksten voor jongere kinderen worden helemaal in hiragana genoteerd.

Zelfs voor mensen die geen Chinees of Japans kunnen lezen, kan de aanwezigheid van hiragana eenvoudig worden gebruikt om een stuk tekst als Japans te herkennen (en te onderscheiden van Chinees).

Hepburn-romanisatie van het hiragana-schrift

Hieronder staat een overzicht van de hiragana schrifttekens met de transliteratie volgens het Hepburnsysteem.

Opmerking: Als er Japanse tekens op de computer zijn geïnstalleerd, kunnen de volgende tabellen met hiragana worden bekeken, samen met hun Hepburn-romanisatie.

Bijna niet meer gebruikte tekens zijn in het rood weergegeven.

a i u e o
ka ki ku ke ko きゃ kya きゅ kyu きょ kyo
sa shi su se so しゃ sha しゅ shu しょ sho
ta chi tsu te to ちゃ cha ちゅ chu ちょ cho
na ni nu ne no にゃ nya にゅ nyu にょ nyo
ha hi fu he ho ひゃ hya ひゅ hyu ひょ hyo
ma mi mu me mo みゃ mya みゅ myu みょ myo
ya yu yo
ra ri ru re ro りゃ rya りゅ ryu りょ ryo
わ wa ゐ wi/i ゑ we\e を o/wo
n
ga gi gu ge go ぎゃ gya ぎゅ gyu ぎょ gyo
za ji zu ze zo じゃ ja じゅ ju じょ jo
da (ji) (zu) de do ぢゃ (ja) ぢゅ (ju) ぢょ (jo)
ba bi bu be bo びゃ bya びゅ byu びょ byo
pa pi pu pe po ぴゃ pya ぴゅ pyu ぴょ pyo

Het Japans heeft ook tweeklanken (diftongen). Deze worden in deze notatie weergegeven als ō ā ii ei en ū. De standaard hiragana notaties voor deze tweeklanken zijn echter, ou, aa, ii, ei en uu (bijvoorbeeld せんせい (sensei)).