Marseillaise

Rouget de Lisle
chantant « La Marseillaise »
Isidore Pils, 1849. Collectie Musée des Beaux-Arts, Straatsburg.
Marseillaise
Vista-kmixdocked.png
De Marseillaise (instrumentaal) (download·info)

De Marseillaise is het volkslied van Frankrijk. Gedurende korte tijd was het ook het volkslied van revolutionair Rusland.

De oorspronkelijke versie is een lied dat is geschreven en gecomponeerd in Straatsburg door Claude Joseph Rouget de Lisle, kapitein in het Franse leger, in de nacht van 25 op 26 april 1792. Rouget de Lisle zong het lied voor het eerst in de salon van baron Philippe Frédéric de Dietrich, de burgemeester van Straatsburg. De originele titel luidt Chant de guerre pour l'Armee du Rhin (oorlogslied voor het Rijnleger).

De naam Marseillaise dankt het lied aan het feit dat de troepen uit Marseille tijdens de Franse Revolutie het lied zongen bij hun intocht in Parijs.

Op 14 juli 1795 werd de Marseillaise tot volkslied van de Eerste Franse Republiek verklaard. Later, tijdens het Eerste Franse Keizerrijk, werd het lied door Napoleon verboden. Ook tijdens het bewind van Lodewijk XVIII en Napoleon III gold het zingen en spelen van de Marseillaise als subversief. Na de Frans-Duitse Oorlog van 1870 ontstond de Derde Franse Republiek, die aanvankelijk de discussie over haar staatsvorm vermeed, maar in 1878 toch koos voor de republiek en de Marseillaise in ere herstelde.

In 1830 is de Marseillaise door componist Hector Berlioz opnieuw gearrangeerd. In 1919 maakte Igor Stravinsky een bewerking voor de viool.

De muziek van de Marseillaise werd van 1871 (na het neerslaan van de Commune van Parijs) tot 1888 (het jaar waarin Pierre De Geyter het oorspronkelijke gedicht van communard Eugène Pottier op muziek zette) gebruikt om de Internationale te kunnen zingen. Ook van de revolutie van 1905 tot in de Oktoberrevolutie van 1917 werd de Internationale nog gezongen op de noten van de Marseillaise.

Vlak na de Tweede Wereldoorlog was de Chant des Partisans een tijdje het officieuze tweede volkslied, naast de Marseillaise.

In 1978 nam Serge Gainsbourg in Jamaica een reggaeversie van de Marseillaise op die prompt een hit werd. Veel Fransen waren hier woedend over en Gainsbourg ontving doodsbedreigingen van rechtse veteranen uit de Algerijnse Onafhankelijkheidsoorlog. Kort daarna kocht Gainsbourg het originele manuscript van de Marseillaise. Vervolgens meldde hij de critici dat zijn versie dichter bij het origineel was omdat in het origineel de woorden "Aux armes et cætera..." voorkomen in het refrein.