Opwarming van de Aarde

Global Temperature Anomaly.svg
Gemiddelde temperatuur 1880–2017. Het gemiddelde van de periode 1951–1980 is als referentie genomen.
Opwarming van de Aarde map.png
Regionale verdeling van de mondiale temperatuurverandering in de periode 2008–2017 ten opzichte van het gemiddelde van 1951–1980.

Carbon Dioxide 800kyr-nl.svg
De concentratie CO2 is sinds de industriële revolutie sterk toegenomen.

Onder opwarming van de Aarde, in België ook klimaatopwarming genoemd, wordt de stijging van de wereldtemperatuur sinds de pre-industriële periode verstaan. De gemiddelde temperatuur van de aardse atmosfeer op grondhoogte was in de periode 2006–2015 ongeveer 0,87 °C (0,75-0,99 °C) hoger dan in de periode 1850–1900.[1] Deze opwarming gaat gepaard met andere mondiale klimaatveranderingen, zoals veranderingen in de regenvalpatronen en woestijnvorming.

Onder klimaatwetenschappers is het onomstreden dat de gemiddelde temperatuur op Aarde sinds halverwege de 20e eeuw is toegenomen. Ook over de oorzaak is er consensus: deze trend wordt voornamelijk veroorzaakt door een stijging van de concentratie broeikasgassen in de atmosfeer, wat op zijn beurt het gevolg is van menselijke activiteiten zoals het verbranden van fossiele brandstoffen, ontbossing en bepaalde industriële en agrarische activiteiten. Inmiddels zijn ook het publiek en politici in meerderheid de mening toegedaan dat er een klimaatprobleem bestaat en dat dit in belangrijke mate door menselijk toedoen is ontstaan.

Modelberekeningen, geëvalueerd in de rapporten van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC), geven aan dat in 2100 de temperatuur op Aarde 1,6 °C (0,9-2,3 °C) hoger zal zijn dan tussen 1850 en 1900 wanneer men broeikasgasuitstoot sterk vermindert. Andere emissiescenario's komen uit op temperatuurstijgingen tussen de 2,4 en 4,3 °C (1,7-5,4 °C) boven het pre-industriële niveau.[2]

Met name temperatuurstijgingen van meer dan 2 °C brengen grote veranderingen met zich mee voor mens en milieu, onder andere door zeespiegelstijging, toename van droogte- en hitteperioden, extreme neerslag en afname van biodiversiteit.[3] Een temperatuurstijging van 2 °C heeft veel verstrekkendere gevolgen dan een stijging van 1,5 °C.[4][5][6]

Er zijn verschillende maatregelen mogelijk om de schade door klimaatverandering te minimaliseren. Aan de ene kant is het mogelijk de oorzaak aan te pakken (mitigatie): minder broeikasgassen uitstoten door het energiegebruik te verduurzamen en natuurgebieden beter te beschermen. Aan de andere kant zullen maatschappijen zich moeten aanpassen (adaptatie) door bijvoorbeeld dijken te verstevigen en beter aangepaste gewassen te verbouwen. In het akkoord van Parijs van december 2015 werd afgesproken de opwarming van de Aarde te beperken tot ruim onder 2 °C, maar bij voorkeur tot maximaal 1,5 °C. Tevens is in dit verdrag afgesproken dat er geld zou vrijkomen om armere landen te helpen met nodige aanpassingen.