Klimaatverandering | klimaatverandering in het recente verleden

Klimaatverandering in het recente verleden

In de afgelopen jaren is er variatie geweest in het wereldwijde klimaat. Deze strekten zich soms wereldwijd uit of bleven beperkt tot een continent of halfrond

Van ongeveer 950 tot 1250 na Chr. breekt een warme periode aan die het Middeleeuws klimaatoptimum genoemd wordt. De temperatuurstijging tijdens deze periode bleef waarschijnlijk beperkt tot een deel van het Noordelijk halfrond. De opwarming vond niet synchroon plaats op verschillende plekken. In ijskernen uit Antarctica zijn er geen sporen van terug te vinden.[1] Rond dezelfde tijd breekt er in Midden-Amerika en het huidige Californië een periode van droogte aan. Mogelijke oorzaken van de klimaatanomalie zijn een hogere zonne-activiteit en veranderingen in oceaanstromingen.[2]

Van ongeveer 1450 tot ongeveer 1850 was er een daling in de temperatuur op verschillende plekken op aarde. Dit wordt de kleine ijstijd genoemd. De winters in Europa waren kouder en duurden langer, de zomers minder warm en duurden korter.[3] De gletsjers op vele plekken ter wereld groeiden en de Alpen lagen vol sneeuw. Tijdens de Kleine IJstijd waren er meerdere periodes van weinig zonnevlekken en daarmee waarschijnlijk verminderde zonneactiviteit, zoals het Maunderminimum. Ook hoge vulkanische activiteit speelt waarschijnlijk mee in de verlaagde temperaturen.[4]

2000 Year Temperature Comparison.png

Uit onder andere metingen in 2004 in de Groenlandse ijskap is vastgesteld dat na het laatste glaciaal er verschillende kortere perioden van klimaatverschillen zijn vast te stellen. Dit zijn de zogenaamde Dansgaard-Oeschger-cycli, een verschijnsel dat zich regelmatig herhaalt na ongeveer 1470 tot 1480 jaar. Door sommige onderzoekers wordt de kleine ijstijd geïnterpreteerd als een koude periode van een D-O cyclus.