Tuberculose | pathologie
English: Tuberculosis

Pathologie

Bij besmetting met tuberculosebacteriën komt de bacterie binnen via de longen. Op de plaats van binnenkomst in de long, vermenigvuldigt de bacterie zich en laat zich via de lymfe naar het regionale lymfklierstation transporteren. Dit is vaak het longhilum. In de lymfklieren in het hilum of elders in het mediastinum, treedt een afweerreactie op waardoor de lymfklier groter wordt. Dit kan zichtbaar zijn op een longfoto. Hierna volgt een verspreiding van de tuberculosebacterie via lymfe en bloed door het hele lichaam. Na ongeveer 6 weken heeft het lichaam doorgaans genoeg afweer ontwikkeld om de infectie te weerstaan. Wel blijven overal in het lichaam nog latente ('slapende') tuberculosebacteriën achter. Bij ongeveer 1% van de mensen zal aansluitend aan de besmetting tuberculose ontstaan. Bij ongeveer 10% zal de 'slapende' tuberculosebacterie op een later moment weer actief worden en de ziekte tuberculose veroorzaken. Dit is de zogenaamde post-primaire tuberculose. Hierbij bestaat een voorkeur voor de bovenste longkwabben (met name voor het apico-dorsale segment) maar tuberculose kan overal in het lichaam ontstaan. Tuberculose is daarom een systeemziekte, het verwijderen van alleen het deel waar de tuberculose tot uiting komt (bijvoorbeeld een longkwab) is niet voldoende. Meestal treedt ziekte binnen een jaar of 2 na de besmetting op, maar het kan ook 60 jaar of langer duren. Bij mensen met een verlaagde afweer of jonge kinderen is de kans groter dan ca. 10% op het ontwikkelen van tuberculose. Bij met hiv geïnfecteerde mensen die niet hiertegen worden behandeld, is de kans op het krijgen van tbc na besmetting ongeveer 10% per jaar. In landen waar veel hiv wordt gevonden is daarom vaak ook veel tuberculose. In Afrika ten zuiden van de Sahara zullen de meeste tbc-patiënten ook hiv-positief zijn. Tbc verslechtert het verloop van een hiv-infectie en omgekeerd bespoedigt een hiv-infectie het ontstaan en ontwikkelen van tuberculose.